|
|
UTRECHT
Utrecht (in plaatselijk dialect:
Utreg of Utereg) is de hoofdstad van de gelijknamige provincie en de
vierde stad van Nederland (283.685 inwoners per 1 juli 2006, bron: CBS)
(zie ook: Lijst van grootste gemeenten in Nederland). Utrecht is een van
de steden van de Randstad.
De stad is centraal gelegen op een knooppunt van weg-, spoor- en
waterwegen, waardoor het een toonaangevende beurzen- en conferentiestad
is.
De stad huisvest de grootste universiteit van Nederland en het
hoofdkantoor van de Nederlandse Spoorwegen. Ook is de Jaarbeurs Utrecht
hier gevestigd.
Utrecht is de zetel van een oud-Katholieke en van een rooms-Katholieke
aartsbisschop (zie aartsbisdom Utrecht).
Het is een van de oudste steden van Nederland met een belangrijk
historisch centrum.
Vanwege de Domtoren, waarmerk van de stad en met 112,32 meter de hoogste
kerktoren van Nederland, wordt de stad ook wel de Domstad genoemd.

Grachten met werfkelders
Geschiedenis
Het huidige Domplein is de plaats waar de Romeinen de basis voor de
stad Utrecht hebben gelegd. In 47 na Chr. liet keizer Claudius aan de
oever van de Rijn een castellum bouwen van hout en aarde. Dit fort was
onderdeel van de verdedigingsgordel langs de noordgrens van het Romeinse
Rijk, de zogenaamde limes. De legerplaats was aanvankelijk Rheno Traiectum
geheten, later Ultra Traiectum. Toen was het een grenspost bij een
doorwaadbare plaats (Trecht), benedenstrooms (Uut) gelegen. Daarmee kon de
handelsweg tussen Keulen en Engeland beschermd worden. Tussen 47 en 275 na
Chr. werd het castellum vier maal herbouwd. Na het vertrek van de Romeinen
streden de Friezen en de Franken lange tijd om de vesting. De overgebleven
ommuring leefde voort als burcht.
In 690 stichtte de Ierse missionaris en kerkvorst Willibrord binnen de
grotendeels verlaten grenspost Utrecht een geestelijk centrum met twee
kerken, waar later nog een derde aan werd toegevoegd. Hieruit ontwikkelde
zich het complex van de aan St. Maarten gewijde Domkerk, de Salvatorkerk
en de tussengelegen Heilige Kruiskapel. Hierdoor werd de plaats het
religieuze centrum van de Noordelijke Nederlanden. In de tiende eeuw
krijgt de bisschop wereldlijke macht. Hij is dan de belangrijkste vorst in
de Noordelijke Nederlanden. Zie ook de Lijst van bisschoppen van Utrecht.
In 1122 kreeg Utrecht stadsrechten van de bisschop. De burgers mochten nu
een muur om de stad bouwen. De stad werd welvarend en er ontstond een
netwerk van straten binnen de muren en de welgestelden bouwden volop
stenen huizen. In die tijd had Utrecht een voorsprong op andere
Nederlandse steden, waar stenen woningen nog zeldzaam waren.
In de Middeleeuwen was Utrecht als bisschopszetel en grootste stad van de
Noordelijke Nederlanden het belangrijkste culturele centrum van Nederland.

Utrecht Domstad
Schilderkunst
zie ook het artikel Schilderkunst in Utrecht
Utrecht speelde een belangrijke rol in de Nederlandse schilderkunst van de
zestiende en zeventiende eeuw. Bekende schilders waren de
renaissanceschilder Jan van Scorel, de "maniëristen" Joachim Wtewael,
Abraham Bloemaert en Paulus Moreelse, de "Utrechtse caravaggisten"
Hendrick ter Brugghen, Gerard van Honthorst en Dirck van Baburen, de
"Italianisanten" Cornelis van Poelenburgh, Jan Both en Jan Baptist Weenix.
Voorbeelden van hun werk zijn te zien in het Centraal Museum.
Geografie
Utrecht ligt centraal in Nederland en in de provincie Utrecht. De stad
is ontstaan aan de Rijn, toen de hoofdarm van die rivier de loop van de
huidige Kromme Rijn en Oude Rijn volgde.
Op de plek van het huidige Domplein lag een Romeins castellum.
Tegenwoordig stroomt een bescheiden Kromme Rijn in het oosten Utrecht
binnen om de stadsgrachten als Vecht (noordelijk) en Leidse Rijn
(westelijk) te verlaten. Westelijk van de stad loopt het brede
Amsterdam-Rijnkanaal, naar het zuiden loopt de Vaartse Rijn, een veel
ouder kanaal.
Ten westen van de stad, 'over het Amsterdam-Rijnkanaal' heen, ligt het
voorstedelijke uitbreidingsproject Leidsche Rijn, de grootste
Vinex-locatie van Nederland, een reeks aan nieuwbouwwijken die bij
afronding ca. 90.000 inwoners moeten huisvesten. Ten noorden, zuiden en
oosten van de stad liggen enkele voorsteden en forensen-/satallietsteden,
waarvan de grootste Maarssen, Nieuwegein, De Bilt, IJsselstein, Zeist en
Houten zijn. De grootstedelijke agglomeratie valt samen met het BRU
(Bestuur Regio Utrecht).
Demografie
Utrecht is met zijn kleine 300.000 inwoners (610.000 inwoners in de
grootstedelijke regio) de vierde stad van Nederland, en valt als een van
de grootsten onder de G4 (Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht).
Utrecht is een multiculturele stad, het percentage allochtone inwoners is
grofweg eenderde en groeit snel. Geschat wordt dat in 2010 de allochtone
bevolking van Utrecht de 100.000 overschrijdt. In Utrecht zijn vele
plekken bekend om hun multiculturele uitstraling, bijvoorbeeld de
Kanaalstraat in de wijk Lombok(-Oost) en de 6 km lange
Amsterdamsestraatweg, de hoofdstraat van het stadsdeel Noordwest. Utrecht
is een jonge stad, met veel jongeren en relatief weinig ouderen. Vooral
wijken als Leidsche Rijn zijn zeer kinderrijk. Delen van o.a Overvecht
daarentegen huisvesten veel ouderen.
Bestuurlijke indeling
De stad Utrecht valt bestuurlijk samen met de gemeente Utrecht. De
gemeente telt zo'n 283.000 inwoners en heeft een oppervlakte van 99 km²
(waarvan slechts een zeer klein gedeelte water).
Omdat de gemeente samenvalt met de stad, zijn er officieel geen andere
kernen.
Toch worden de dorpen Vleuten, De Meern en Haarzuilens (wijk Vleuten-De
Meern), nog steeds als dorp gezien en dus niet als onderdeel van de stad
Utrecht.
Deze dorpen hebben ook hun postadressen en andere kenmerken van een apart
dorp behouden. Er is echter geen dorpshuis in Vleuten, maar een wijkbureau
in het oude gemeentehuis van de voormalige gemeente Vleuten-De Meern.
Wijken
De gemeente Utrecht onderscheidt, bestuurlijk en administratief, tien
wijken. Deze zijn weer onderverdeeld in subwijken en buurten. Elke wijk
kent een apart wijkbureau of een wijkservicecentrum. De wijk Vleuten-De
Meern bezit ook een dependance van de burgerzaken.
Elke wijk kent een raadscommissie voor de wijk, samengesteld uit
gemeenteraadsleden of hun plaatsvervangers en elke wijk kent ook een
aparte wijkwethouder. Daarnaast bestaat er een wijkraad, die een
adviserende rol heeft en bestaat uit bewoners van de desbetreffende wijk.
De Utrechtse wijken:
Binnenstad
Utrecht-Oost
Leidsche Rijn
Utrecht-West
Overvecht
Utrecht-Zuid
Utrecht-Noordoost
Utrecht-Zuidwest
Utrecht-Noordwest
Vleuten-De Meern
Stadsbeeld
Utrecht heeft een bezienswaardig centrum, dat grotendeels nog door
singels wordt omringd. Van zuid naar noord lopen de Oudegracht en de
Nieuwegracht, welke uniek zijn vanwege de werven, lage kades waarop de
werfkelders van de huizen aan de gracht uitkomen. Ideaal voor een
stadswandeling [1].
Kerken
Domtoren vanaf de Stadhuisbrug
Utrecht telt vele interessante kerken, waaronder enkele zeer oude. In de
elfde eeuw werd een kerkenkruis aangelegd van 5 kerken: In het midden
staat de Domkerk, aan de noordpunt de Janskerk, de oostpunt de
Pieterskerk, en in het zuiden en het westen stonden respectievelijk de
verdwenen Paulusabdij en de Mariakerk.
Domkerk, de voornaamste kerk van de stad, gebouwd als de kathedraal van
het bisdom Utrecht en oorspronkelijk gewijd aan Sint-Maarten. Met de bouw
werd in 1254 begonnen in de stijl van de Noord-Franse gotische
kathedralen. De beroemde, 112 meter hoge Domtoren uit 1321-1382 is de
hoogste kerktoren van Nederland. Sinds een tornado in 1674 het schip deed
instorten, bestaat de Domkerk uitsluitend nog uit het koor en het
transept. De toren staat sindsdien los. Sinds 1580 is de Domkerk in handen
van de protestanten.
Pieterskerk, oorspronkelijk een kapittelkerk, gesticht in 1039 door
bisschop Bernold, en gewijd aan Petrus. Het is de best bewaarde romaanse
kerk in Utrecht, grotendeels nog daterend uit de elfde eeuw. Thans in
gebruik bij de Waalse gemeente.
Janskerk, oorspronkelijk een kapittelkerk, kort na de Pieterskerk gesticht
en daarvan een iets bescheidener en minder goed bewaarde versie. Het koor
werd in de zestiende eeuw sterk vergroot. Thans studentenkerk.
Buurkerk, de oudste en grootste parochiekerk van de stad, gesticht in de
tiende eeuw en gewijd aan Maria. Het huidige vijfbeukige bouwwerk met de
forse toren dateert grotendeels uit de veertiende tot zestiende eeuw.
Fungeert thans als museum, het populaire Nationaal Museum van
Speelklok tot Pierement.
Jacobikerk, oorspronkelijk parochiekerk, gewijd aan Jacobus. Ontstaan in
de twaalfde eeuw, maar in zijn huidige gedaante een driebeukig hallenkerk
uit de dertiende tot vijftiende eeuw met een grote toren.
Nicolaïkerk, oorspronkelijk parochiekerk, gewijd aan Nicolaas van Myra.
Ontstaan in de twaalfde eeuw. Opvallend is het romaanse tweetorenfront,
ongebruikelijk voor een parochiekerk. De rest van de kerk is overwegend
gotisch.
Geertekerk, oorspronkelijk parochiekerk, gewijd aan Gertrudis van Nijvel.
Het is een sobere kerk, gebouwd in de dertiende tot vijftiende eeuw.
Sint-Catharinakathedraal, oorspronkelijk een kloosterkerk, gewijd aan
Catharina van Alexandrië. Gebouwd in de zestiende eeuw als een
laat-gotische kruisbasiliek. Na het herstel van de bisschoppelijke
hiërarchie in 1853 werd zij de kathedraal van Utrecht. In het aanpalende
Catharijneconvent is thans een belangrijk museum van religieuze kunst
gevestigd.
Gertrudiskapel, een van de best bewaard gebleven schuilkerken van
Nederland, in de zeventiende eeuw ondergebracht in een middeleeuws huis.
Lutherse Kerk aan de Hambugerstraat, in 1745 gevestigd in de laat-gotische
kapel van het voormalige Ursulaklooster, die voor dat doel sterk verbouwd
werd. Aan de Hamburgerstraat verrees in 1749 een nieuwe gevel.
Doopsgezinde Kerk uit 1772-1773 aan de Oudegracht, een eenvoudige
zaalkerk, ontworpen door Willem de Haan.
Augustinuskerk uit 1839-1840 aan de Oudegracht, een Waterstaatskerk
ontworpen door K.G. Zocher, met een enorm neo-classicistisch tempelfront
aan de grachtzijde.
Willibrordkerk uit 1876-1877, een neogotische kerk, ontworpen door Alfred
Tepe. De kerk heeft haar neogotische inventaris, vervaardigd door leden
van het St. Bernulphusgilde, vrijwel geheel behouden.
Sint-Gertrudiskathedraal aan het Willemsplantsoen, in 1912-1914 in
neoromaanse stijl gebouwd. Kathedraal van de Oud-Katholieken.
Andere geestelijke gebouwen:
Het Duitse huis
Pandhof van de verdwenen Mariakerk, uit de twaalfde eeuw.
Het Duitse Huis aan de Springweg, het best bewaarde middeleeuwse
kloostercomplex van Nederland, waarvan het hoofdgebouw uit ca. 1350
dateert. De kerk is echter ingestort bij de orkaan van 1674. Thans hotel
Karel V.
Agnietenklooster aan de Agnietenstraat, bestaande uit een kapel uit
1512-1516 en een haaks daarop staande vleugel. Sinds 1921 is het Centraal
Museum in het complex gevestigd (daarbij werden enkele vleugels in
neogotische stijl toegevoegd).
Nicolaasklooster aan de Doelenstraat, gesticht in de veertiende eeuw. Het
laat-middeleeuwse gebouw is vooral interessant door de galerij op
spitsbogen op de binenplaats.
Synagoge aan de Springweg, gebouwd in art nouveau-stijl, thans buiten
gebruik.
Bezienswaardigheden
Bezienswaardige gebouwen in het centrum zijn verder Oudaen, Oudegracht
99, een versterkt woonhuis uit ca. 1280. Utrecht telde in de dertiende en
veertiende eeuw vele van deze burchtachtige huizen van rijke patriciërs.
Minder goed bewaard gebleven zijn onder meer Drakenstein (Oudegracht 114),
Cranestein (Oudegracht 55), Fresenburch (Oudegracht 113) en Blankenburch (Oudegracht
121).
Huis Zoudenbalch in de Donkerstraat uit 1467-1468 in laat-gotische stijl,
met een opvallende natuurstenen gevel, die in 1903 na een brand
gerestaureerd is.
Bartholomeïgasthuis aan de Lange Smeestraat, uit ca. 1500, bestaande uit
een vleugel aan de straat met een haaks daarop staande kapel.
Paushuize uit 1517, gebouwd in opdracht van de uit Utrecht afkomstige paus
Adrianus VI, die het echter nooit bewoond heeft. Het is een laat-gotisch
gebouw met typische "speklagen" van natuursteen en baksteen.
Zonnenburg en Manenburg, twee bolwerken, overblijfselen van de
stadsversterking uit 1551. Zonnenburg is thans als sterrenwacht in
gebruik.
Leeuwenbergh-gasthuis, een tweebeukige zaal, in 1567 gebouwd als pesthuis,
later in gebruik geweest als kerk. Het poortgebouw aan de stadswal is
verdwenen.
Vleeshuis aan de Voorstraat, gebouwd in 1637, wellicht naar ontwerp van de
schilder Paulus Moreelse.
Statenkamer, de voormalige refter van het Minderbroederklooster aan het
Janskerkhof met een fraaie poort uit 1643. Thans onderdeel van de
Universiteit Utrecht.
De Krakeling, Achter Sint-Pieter, woonhuis uit 1663 met vreemde ornamenten
en een bijzondere deur. Gebouwd in opdracht van Everard Meyster, bekend
van de Amersfoortse kei.
Fundatie van Renswoude uit 1757 door Joan Verkerk in rococostijl.
Oorspronkelijk een instelling die begaafde wezen een opleiding bezorgde.
Het weelderige interieur is grotendeels in oorpronkelijke staat bewaard
gebleven.
Winkel van Sinkel aan de Oudegracht uit 1821, ontworpen door P. Adams in
neoclassicistische stijl. Een van de eerste warenhuizen in Nederland,
opvallend door de vier kariatiden in de voorgevel.
Stadhuis op de Stadhuisbrug aan de Oudegracht, met een zware
neoclassicistische gevel van natuursteen uit 1824-1847.
Gebouw voor Kunsten en Wetenschappen aan de Mariaplaats. Gebouwd op de
plaats van de afgebroken Mariakerk in 1844. Clara Schumann en Johannes
Brahms traden hier op. Thans conservatorium.
Academiegebouw aan het Domplein in neorenaissancestijl, ontworpen door E.H.
Gugel en J.F. Nieuwenhuis.
Apotheek op Voorstraat 6, het beste bewaard gebleven voorbeeld van
Jugendstil in Utrecht, in 1904 gebouwd naar ontwerp van R. Rijksen Gzn.
Postkantoor aan de Neude uit 1918 door J. Crouwel in de trant van de
Amsterdamse School. Opvallend is de hal met zijn gebogen overspanning.
Politiepost Tolsteeg aan het Ledig Erf, een gebouw uit 1926 in de trant
van de Amsterdamse School. Thans filmhuis.
Enkele fraaie poorten:
Weeshuispoort aan de Springweg
Hofpoort aan de Nieuwegracht
Poort van het Bisschopshof aan de Servetstraat (1634)
Enkele schilderachtige hofjes (in Utrecht meestal aan de straat gebouwd):
Beyerskameren aan de Lange Nieuwstraat (1597)
Bruntenhofje aan het Lepelenburg (1621)
Hofje van Pallaes aan de Agnietenstraat (1651)
Buiten het centrum bevinden zich
Hoofdgebouw I van de Nederlandse Spoorwegen uit 1870.
Hoofdgebouw II van de Nederlandse Spoorwegen uit 1893-95 in
neorenaissancestijl door architect J.F. Klinkhamer.
De Inktpot, het oude Hoofdgebouw III van de Nederlandse Spoorwegen, een
gigantische bakstenen kolos uit 1918-'21, ontworpen door G.W. van Heukelom.
Sinds 2003 is ProRail in het gebouw gevestigd.
Het wereldberoemde Rietveld-Schröderhuis uit 1924, ontworpen door Gerrit
Rietveld. Het is het beste voorbeeld van De Stijl-architectuur. Het staat
sinds 2000 op de Werelderfgoedlijst van de UNESCO
De Forten bij Utrecht als onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie
[bewerk] Meest betreurde weggehaalde gebouwen
De Mariakerk uit de elfde eeuw, een van de mooiste romaanse kerken van
Nederland, uitgebreid vastgelegd door de schilder Pieter Saenredam en
gesloopt in 1811 op last van Napoleon Bonaparte. De twaalfde-eeuwse
pandhof is behouden gebleven.
Verzekeringsgebouw "De Utrecht", een fraai voorbeeld van
Jugendstil-architectuur uit 1902, ontworpen door J. Verheul, gesloopt in
1974. Verschillende elementen werden opgslagen; er bestaan concrete
plannen voor herbouw.
Winkelen
Westelijk van het centrum ligt het station met het aangebouwde winkel-
en kantorencomplex Hoog-Catharijne, dat sinds het bestaat omstreden is
geweest, zowel om zijn architectuur als ook de verloedering die optrad,
waardoor het een vrijplaats voor druggebruikers werd.
Muziek en theater
Het veelgeprezen Muziekcentrum Vredenburg (1978) van Herman
Hertzberger grenst aan Hoog-Catharijne. Het is een van de voornaamste
concertgebouwen van Nederland, met een grote en een kleine zaal. De
komende jaren zal het in het kader van de reconstructie van het Utrechtse
stationsgebied, in samenwerking met Tivoli en het SJU-huis, worden
verbouwd en uitgebreid tot het Muziekpaleis.
het SJU-huis, jazzpodium van de Stichting Jazz Utrecht
politiek cultureel centrum ACU
poppodium Ekko aan de Bemuurde Weerd
poptempel Tivoli aan de Oudegracht en de nieuwe zaal aan de Helling
Stadsschouwburg
Theater De Paardenkathadraal in de stallen op het voormalige
Veeartsenij-terrijn van de Universiteit Utrecht
Theater Huis aan de Werf
Theater Kikker
Musea
Centraal Museum
Museum Catharijneconvent
Nederlands Spoorwegmuseum
Nationaal Museum van Speelklok tot Pierement
Universiteitsmuseum
Geldmuseum
Aboriginal Art Museum
Moluks Historisch Museum
Waterleidingmuseum
Sterrenwacht Sonnenborgh
Centrum Beeldende Kunst Utrecht.
Evenementen en festivals
In de Jaarbeurs Utrecht worden veel beurzen gehouden, zoals de
Vakantiebeurs.
Nederlands Film Festival (september/oktober)
Holland Festival Oude Muziek (augustus/september)
Spring Dance (dansfestival, april)
Festival aan de Werf (theaterfesival, mei)
Holland Animation Film Festival (Animatiefestival, november)
Films in Utrecht
De film Amsterdamned van Dick Maas werd deels geschoten in Utrecht.
Bij de achtervolgingsscène in de grachten krijgen de mensen op een terras
een golf water over zich heen, en dat kan alleen bij de Utrechtse grachten
met hun werven op waterniveau.
De film (cinematografie) Minoes van Vincent Bal werd deels geschoten in
Utrecht, in het midden van de Bellamystraat.
De Utrechtse Vismarkt was een van de locaties in de film Keetje Tippel.
In de film Karakter komen enige Utrechtse locaties voor.
In Phileine zegt sorry stond de woning van Phileine in de Utrechtse
binnenstad, op de hoek van de Servetstraat en de Lichte Gaard. Bovendien
werden er opnames gemaakt in het Wilhelminapark.
Verkeer en Vervoer
Trein
Station Utrecht Centraal is het belangrijkste spoorwegknooppunt van
Nederland en heeft rechtstreekse treinverbindingen met op twee na alle
andere provinciehoofdsteden.
De eerste spoorlijn werd geopend in 1843. Dit was de lijn naar Amsterdam.
In 1844-1845 volgde verbinding met Arnhem. In 1855 kwam de verbinding met
Gouda – Rotterdam (vanaf 1870 ook naar Den Haag) tot stand, in 1863 die
naar Amersfoort en in 1868-1870 de lijn naar Boxtel. Als laatste
verbinding werd in 1874 de lijn naar Hilversum geopend.
Bus en tram
De stad Utrecht kent een zeer uitgebreid buslijnennet van het GVU. Er
rijden bussen van het GVU naar Maarssen, Vleuten/De Meern en Kockengen. De
meeste bussen rijden maandag tot en met zaterdag om de 10 minuten, 's
avonds en op zondag om het kwartier. Utrecht is de eerste stad in Europa
waar dubbelgelede bussen rijden. Zie verder: Vervoerbedrijf GVU
De Utrechtse sneltram van Connexxion rijdt vanaf het centraal station via
Kanaleneiland naar Nieuwegein-zuid/IJsselstein.
Auto
De stad wordt aan drie zijden omsloten door autosnelwegen. Ten westen
van de stad bevindt zich de A2, ten zuiden de A12 en ten oosten de A27.
Belangrijke verkeersknooppunten zijn Oudenrijn, Lunetten en Rijnsweerd.
Vanaf het laatste verkeersknooppunt begint een vierde autosnelweg, de A28.
Ten noorden van Utrecht wordt de ringweg sluitend gemaakt door de N230.
Ten noorden en zuiden van Utrecht liggen grote forensengemeenten:
Houten
IJsselstein
Vianen
Maarssen
Nieuwegein
De stad zelf breidt zich momenteel in westelijke richting uit met het
stadsdeel Leidsche Rijn, Nederlands grootste Vinex-locatie. Samen met deze
en andere plaatsen vormt Utrecht de agglomeratie Utrecht.
bron: wikipedia
Bron foto: wikipedia |
Bedrijfsreclame
hotel
auto
bouw
winkel
drukkerij
bloemen bezorgen
rijschool
makelaar
flats
hypotheek
notaris
woningen
keuken
hoveniers
reisburo
catering
restaurant
gasfitter
loodgieter
schilder
stratemaker
bruidsboetiek
bruidsmode
verhuizer
Provincie Utrecht
Amersfoort
Baarn
De Bilt
Bilthoven
Bunschoten
Doorn
Driebergen
Houten
Leusden
Maarssen
Mijdrecht
Nieuwegein
Rhenen
Rijsenburg
Soest
Scherpenzeel
Spakenburg
Utrecht
Veenendaal
Woerden
Woudenberg
Wijk bij Duurstede
IJsselstein
Zeist
|