HILVERSUM
 

Hilversum is een plaats en gemeente in de Nederlandse provincie Noord-Holland en de belangrijkste plaats in de landstreek Het Gooi; de plaats huisvest veel landelijke omroepbedrijven. De gemeente heeft 83.616 inwoners (1 november 2006, bron: CBS) op een oppervlakte van 46,19 km² (waarvan 0,21 km² water).
 


Hilversum

 

Ligging
Hilversum is een sneltreinstation aan de Gooilijn (Amsterdam/Schiphol-Amersfoort), die hier een aftakking heeft naar Utrecht. Hilversum heeft drie stations: Hilversum (Centraal), Hilversum Noord en Hilversum Sportpark. Hilversum ligt in de oksel van het knooppunt Eemnes van de rijkswegen A1 en A27. Omliggende plaatsen zijn Nieuw-Loosdrecht, Bussum, Blaricum, Lage Vuursche, Hollandsche Rading, Maartensdijk, 's-Graveland, Laren, Kortenhoef en Ankeveen.
Hilversum bestaat uit de wijken Centrum, Trompenberg, Boomberg, Nimrodpark, Hilversum-Noord (oftewel Over-het-spoor) met De Lieberg, Erfgooiersbuurt, Wetenschapsbuurt, Astronomische buurt, verder de Kerkelanden/Zeverijn, Hilversum-Zuid, de schrijversbuurt, de Indische buurt, De Hoorneboeg, Crailo, Van Riebeeckkwartier en de Hilversumse Meent.
De Oude Haven in het zuidwesten ligt aan het uiteinde van de Gooische Vaart. De aanleg van de vaart tussen 's Graveland en Hilversum deed men in etappes en vergde daardoor 240 jaar. In 1876 werd de vaart voltooid. Later werd een moderne haven gegraven, met daaromheen industrieterrein. Er is ook een sporthaven.
In het zuidwesten van de gemeente ligt het Vliegveld Hilversum. Daarnaast ligt het voormalige Marine Opleidingskamp (MOK), nu Korporaal Van Oudheusenkazerne van de medische troepen.
 

Gemeentewapen
Het gemeentewapen van Hilversum toont vier goudgekleurde boekweitkorrels op een blauw veld. De oudste versie heeft aan de bovenkant een kroontje, maar de eenvoudige, kroonloze versie werd in 1817 officieel geregistreerd als gemeentewapen. Hoewel de oorsprong van het wapen onbekend is, was het eind 17e eeuw al in gebruik. Sommigen vonden het wapen wat al te eenvoudig, maar in 1970 werd een voorstel van de Stichting voor Banistiek en Heraldiek tot wijziging van het wapen verworpen.
Boekweit was in de 16e eeuw een belangrijke voedingsbron in de streek. Boekweit doet het goed op schapenmest, er was rondom de plaats veel heide aanwezig waarop kuddes schapen konden grazen. De boekweitteelt werd in de 20e eeuw geleidelijk aan verdrongen door het toenemende gebruik van kunstmest.
 

Geschiedenis
De naam Hilversum moet volgens de taalkundige dr. Ad Welschen worden verklaard als Hilvertshem, wat "heem (huizen) tussen de heuvels" betekent (met metathesis of verschuiving van de medeklinkers vl), zoals het nabijgelegen Bussum op Boshem teruggaat.
Het hooggelegen Gooi is een van de oudst bewoonde streken van Nederland, waarvan de prehistorische grafheuvels en vondsten uit de Hilversumcultuur getuigenis afleggen. Water verzamelde zich op de lager gelegen plaatsen, en dat werden drinkplaatsen voor het vee. De dorpen Hilversum, Laren , Blaricum en Bussum zijn rond die drinkplaatsen ontstaan. Door de arme zandgronden was er voornamelijk schapenhouderij mogelijk.
In 1424 kreeg Hilversum ("Hilfersheem") zelfstandige status van Jan (III) van Beieren (Jan zonder Genade), ruwaard van Holland, Zeeland en Henegouwen (1418-1425) en was daarmee onafhankelijker van Naarden bij de uitbreiding van de eigen nijverheid. De verkoop en verwerking van schapenwol is in de Middeleeuwen de bijdrage van Hilversum geweest aan de regionale economie. In de 17de eeuw groeiden de weverijen sterk, en deze industrie bleef zich uitbreiden tot in de 20ste eeuw. Het boerendorp groeide gestaag, maar werd in 1725 en 1766 geteisterd door branden die het dorp vrijwel vernietigden.
Terwijl in 's-Graveland zich al rijke Amsterdammers vestigden in de zeventiende eeuw, gebeurde dat in Hilversum pas na de aansluiting op het spoorwegnet in 1874. In 1882 werd de aanleg van een stoomtram naar Laren, Naarden, Muiden en Amsterdam voltooid, die de naam de Gooise Moordenaar kreeg (wegens een aantal dodelijke ongevallen; de tram liep tot 1947).
De spoorweg trok onder meer de rijke families Brenninkmeijer (eigenaren van C&A), en de aan hen verwante Gockels. Een andere bekende familie in Hilversum waren de Wortelboeren. Mede door deze families kreeg Hilversum langzamerhand een overwegend katholiek signatuur. Dat leidde tot de bouw van de grote neogothische Sint-Vituskerk voor 1800 mensen, ontworpen door P.J.H. Cuypers, in 1892. Eind jaren '60 zou Hilversum acht parochiekerken tellen, waarvan er alweer twee gesloopt zijn, één in onbruik is en één verbouwd is tot appartementen.
Na de komst van de spoorweg groeide Hilversum heel snel, aanvankelijk door de groei van de textielsector (weverijen en aanverwante bedrijven) en de vestiging van tapijtfabrieken (waarvan uiteindelijk de Veneta over bleef). In 1918 startte de Nederlandse Seintoestellen Fabriek en daarna begonnen ook de experimentele radio-uitzendingen. Daarop volgde de vestiging van omroepen van alle gezindten, na de Tweede Wereldoorlog gevolgd door de televisie. Sinds het verdwijnen van de grotere industrie is de mediasector de grootste werkgever van Hilversum.
 

Tweede Wereldoorlog
Bij het begin van de Tweede Wereldoorlog gaf de zittende burgemeester K.L.C.M.I. de Wijkerslooth de Weerdesteijn een merkwaardige proclamatie uit, waarin hij zich bereid verklaarde de leiding over het Nederlandse volk op zich te nemen. Hij werd snel vervangen door jonkheer mr. E.J.B.M. von Bönninghausen tot Herinkhave, een NSB'er die collaboreerde met de bezetter. Het hoofdkwartier van het Duitse leger in Nederland, de Wehrmacht, werd gevestigd in Hilversum, in het nieuwe raadhuis, dat vanwege dat doel sterk gecamoufleerd werd. De functie gemeentehuis werd toen verlegd naar (Hotel) Gooiland.
Voor de Tweede Wereldoorlog woonden in Hilversum ongeveer zeshonderd joodse families; na de oorlog nog maar veertig. Er waren enige verzetsgroepen actief, waarvan een deel verraden werd en leden ervan geëxecuteerd, waaronder acht medewerkers van de Nederlandse Seintoestellen Fabriek. Najaar 1944 startten de Duitsers met een nieuw type razzia, gericht op alle jongens en mannen tussen 15 en 55 jaar; in onder meer Hilversum en Bussum werd dit systeem uitgetest. Veel Hilversumse jongens en mannen werden zo op 23 oktober 1944 gearresteerd en vanuit het Gemeentelijk Sportpark als dwangarbeider door de bezetter weggevoerd; slechts enkelen hebben dat overleefd. (Er is nu een monument, onthuld op 23 oktober 1997 door burgemeester J.G. Kraaijeveld-Wouters.)
Zeker 30 verzetsmensen zijn door de Duitsers vermoord, zoals P.M. Bonnike, H. Brautigam, C.J. ten Boom, D.J. Buis, W.F. Dasselaar, G.A. Degens, W. Dull, P. van Dijk, J.H. van Gangelen, K. Hannema, E. de Hoop, R. Hovius, J.O. Janssen, C.R.W. Koekebacker, L. Kremer, C.R. de Kuip, F. van der Laaken, D. Lopes Dias, J.W. Oudenaller, TH.W. la Rivière, A. Sauer, J. Stroes, G. van Strijland, T.E. Splint, M.P. Verdijk, H.J. Vernhout, J.A.G.B. Verschune, A.G. van der Wel, J. Wessel, René Paul Wirix. Zij worden geëerd met straatnamen in Hilversum-Noord.
Het plaatselijke dagblad de Gooi- en Eemlander was fout in de oorlog, en kreeg in 1945 een verschijningsverbod voor enige tijd, maar herstelde zich daarna. Ook de omroepen werkten vaak in hoge mate mee aan de eisen van de Duitse bezetters, zoals de journalist Dick Verkijk in zijn boek over de omroepen in de oorlog heeft geboekstaafd, maar bleven na de bevrijding ongemoeid. Beroepsmuzikanten in Hilversum werden in 1944 bedreigd met de Duitse Arbeidsinzet. De Duitse jazz-violist en orkestleider Helmut Zacharias, die met zijn orkest (formeel onderdeel van het Duitse leger) in Hilversum voor de Nederlandsche Omroep optrad (en vaak aan privé-jam-sessions meedeed) waarschuwde Nederlandse collega's enkele malen voor razzia's, en werd als gevolg daarvan overgeplaatst naar het Oostfront.
Na Dolle Dinsdag (5 september 1944) desintegreerde de Nederlandsche Omroep. Bij de grote razzia van oktober 1944 in Hilversum belandden de meeste radiomusici ten slotte toch in het kamp Amersfoort. De meesten wisten er vrij snel uit te komen; orkestleider Klaas van Beeck en enkele anderen werden enige tijd in Duitsland te werk gesteld. In Hilversum beoordeelde na de bevrijding een zuiveringscommissie de radiomusici, maar pleitte de meesten van hen vrij van collaboratie. Alleen Theo Uden Masman van het zeer populaire orkest The Ramblers en Dick Willebrandts mochten een half jaar geen orkest leiden. The Ramblers kwamen niettemin meteen terug, tijdelijk onder leiding van drummer Kees Kranenburg, maar zij hadden enige tijd te kampen met protesten en demonstraties van voormalige verzetsstrijders.
 

Jongste geschiedenis
Prins Bernhard vestigde zich na de oorlog in Hilversum op de Zwaluwenberg bij de grens van Hollandsche Rading als Inspecteur Generaal der Krijgsmacht, tot de ontknoping van de Lockheed-affaire in 1976. De inspectie zetelt er nog.
In de jaren vijftig en zestig voerde Hilversum een groot nieuwbouwprogramma in het oosten en Noorden van de gemeente uit, terwijl de bevolking met éénderde steeg. In 1958 passeerde het aantal inwoners de grens van 100.000 (op scholen kregen de leerlingen van gemeentewege beschuit met muisjes). Ook in de jaren zeventig had Hilversum nog meer dan 100.000 inwoners. Hierna nam het aantal inwoners vrij sterk af, en bereikte in 1999 het diepste punt met iets meer dan 80.000 inwoners. De belangrijkste reden daarvoor is minder mensen per huishouden en de beperkte nieuwbouw van woningen van Hilversum door ruimtegebrek. De laatste jaren laten echter weer een voorzichtige stijging zien van het inwonertal. Aan de oostkant van Hilversum is een bescheiden uitbreiding gepland. Er is onvrede over de infrastructuur (veel drukte, onlogische doorstroming en eenrichtingsverkeer), jarenlang heeft het station geen intercitystatus gehad en de politiek. Dit heeft zich ook vertaald in de opkomst van een Leefbaarpartij.

zwarte bladzijde
Op 6 mei 2002 werd de politicus Pim Fortuyn doodgeschoten door Volkert van der G. op het Mediapark, tijdens de verkiezingscampagne voor de Tweede Kamer.
In 2004 vond voor de eerste maal in Hilversum een raadgevend correctief referendum plaats (over de Parkeerverordening). De opkomst van ruim 27% was te laag om het geldend te maken. Van de stemmers was driekwart overigens tegen het gemeentelijke parkeerbeleid - dat niet werd veranderd.
 

Natuur
Hilversum, dat door veel oorspronkelijke bewoners nog altijd als een dorp wordt betiteld (het heeft nooit stadsrechten gekregen), is een tuinstad, een gemeente met veel groen en omgeven door natuurgebieden. Een unieke karakteristieke eigenschap is de nog altijd vaak natuurlijke overgang tussen bebouwing en omringende natuur. Hilversum werd ook wel aangeduid als 'villadorp', vanwege het grote aantal villa's met de daarbij behorende grote tuinen. De opmerkelijkste tuin is wel die van het Pinetum Blijdenstein, een tuin met aan verzameling pijnbomen, waaronder vele exoten, zoals de sequoia. De zandgrond maakt echter intensieve verzorging van tuinen nodig. Deze was vóór de oorlog vanzelfsprekend, maar daarna niet meer, onder meer door de gestegen lonen (tuinlieden).
Hilversum wordt omringd door het Laarder Wasmeer, de lager gelegen veenafgravingen nu bekend als de Loosdrechtse- en Ankeveense plassen, het Goois Natuurreservaat, de Hoorneboegse Heide, Bussummerheide, Westerheide en Zuiderheide, Zanderij Crailo en de rivieren de Vecht en de Eem. Binnen de gemeentegrenzen liggen het Spanderswoud, het Corversbos en diverse landerijen zoals Gooilust (Bos van Blaauw) en Trompenburg, die beheerd worden door de Vereniging Natuurmonumenten.
 

Kunst en musea
Architectuur is een van de uithangborden van Hilversum. Met name ontwerpen van de 20e eeuwse gemeentearchitect Willem Marinus Dudok zijn er te vinden. Verreweg het bekendste Dudokontwerp is het markante Raadhuis in het centrum. Het werd gebouwd tussen 1928 en 1931 en werd aan het eind van de 20e eeuw grondig gerenoveerd, waarvoor Hilversum in 1997 werd onderscheiden met de Europese Nostramedaille. Andere werken van Dudok zijn het Pompgemaal, het park Laapersveld (vijver aangelegd voor de waterhuishouding) en de aula's van de Zuiderhof- en Noorderbegraafplaats. Een permanente Dudoktentoonstelling is te bezichtigen op adres Dudokpark 1 (in het Raadhuis).
In het vroegere raadhuis aan de Kerkbrink, uitgebreid met een ronde uitbouw naar ontwerp van Hans Ruyssenaars, is het Museum Hilversum ondergebracht, dat aandacht besteedt aan toegepaste kunsten en de geschiedenis van Hilversum na 1850.
In 1987 wilde de gemeente Hilversum wegens geldgebrek een schilderij van Piet Mondriaan van de hand doen. Met de opbrengst wilde Hilversum een pand in de gemeente laten restaureren. De Mondriaan was echter aan de gemeente geschonken, en na heftige debatten kon het schilderij voor het Nederlands publiek behouden blijven.
Ook heeft Hilversum veel jonge monumenten, waaronder het rijksmonument de Sint-Vituskerk (1892) en de voormalige studiogebouwen van de VARA, de AVRO, de KRO en de NCRV; sommige daarvan hebben intussen een andere bestemming gekregen. Een aantal villa's en landhuizen, het Gooiland-complex, Sanatorium Zonnestraal en door de architect Berlage ontworpen villa's vallen eveneens onder Monumentenzorg.
Hilversum heeft twee bioscoopcomplexen en één filmtheater. Muziek- en podiumkunsten worden vertoond in het Gooilandtheater en op verschillende kleinere podia zoals de Tagrijn en Theater Achterom. Speciaal voor kinderen is er poppentheater Hilvert's Hofje.
Het Omroepmuseum werd in 2006 volledig vernieuwd en ondergebracht in een nieuw complex op het Mediapark. Het museum zal worden omgedoopt tot Beeld en Geluid Experience en worden beheerd door het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid (NIBG). Zeventien paviljoens zullen elk een ander aspect van de Nederlandse mediageschiedenis belichten; bezoekers zullen ieder hun eigen tentoonstelling kunnen 'bestellen'.
Verder heeft Hilversum een Kunstuitleen, een bibliotheek met 1 dependance en verschillende expositieruimten.
 

Industriële archeologie en bouwkunst
Vrijwel alle tapijtfabrieken die Hilversum gedurende eeuwen bekendheid gaven, zijn afgebroken. Hieronder ook de oude fabriek van J.S. Fokker aan de Veerstraat, één van de oudste tapijtfabrieken van Nederland. Van de 67 buitenplaatsen en grote villa's uit de negentiende en het begin van de twintigste eeuw zijn er 32 verdwenen. Nog in 1987 sneuvelde Villa Corvin aan de Bergweg, gebouwd in 1893 door de vermaarde architect A.Salm GBzn in de stijl van de Italiaanse renaissance. Alleen al in de wijk Trompenberg zijn tussen 1945 en 1988 niet minder dan 37 villa's gesloopt, waaronder vele van de architect J.W. Hanrath, de grondlegger van de Gooise landhuisstijl.
Uit de beginfase van de omroep in Hilversum resteert bijna niets meer: het oudste fabriekje van de Nederlandse Seintoestellen Fabriek aan de Groest is weg, evenals de eerste radio-uitzendstudio, de fabrieken en de schoorsteen van de N.S.F. aan de Jan van der Heijdenstraat.
 

 Tuinen
Hilversum heeft enkele decennia de bijnaam 'tuinstad' gedragen, wegens de tuinen die de villa's uit de 19de eeuw en daarna omringden. Daarnaast heeft de gemeente een relatief groot aantal parken, waarvan bijvoorbeeld het Laapersveld het noemen waard is. De gemengde botanische tuin Dr. Costerus werd begin 20-er jaren van de 20e eeuw aangelegd en beslaat 1200 m². De tuin bevat onder meer exotische planten.
Pinetum/arboretum Blijdestein (pinetum = pijnbomentuin) is onderdeel van de Universiteit van Amsterdam en bezit een grote coniferencollectie, met onder meer levende exemplaren van de Californische reuzenden, de sequoia sempervirens (die 2000 jaar oud en 120 m hoog kan worden), 140 soorten rhododendrons, Tasmaanse bloemen en planten.
 

Media
Hilversum is tegenwoordig het meest bekend als omroepstad. Dat begon met de oprichting van de intussen afgebroken Nederlandse Seintoestellen Fabriek, de NSF, in 1918. De NSF wilde beginnen met radio-uitzendingen, waarvoor in 1923 de Hilversumsche Draadlooze Omroep, de HDO werd opgericht. Al snel werden er omroepverenigingen opgericht: elk volgens de levensovertuiging van de bijbehorende groep. Er waren zodoende protestante, katholieke, socialistische en algemene omroepverenigingen, elk met een eigen studiogebouw.
De AVRO was de eerste van de bekende grote publieke omroepen die uitzendingen produceerde; de VARA, NCRV, KRO en de VPRO volgden snel. Later ontstonden de samenwerkingsverbanden NRU en NTS, later omgevormd tot NOS en NOB. Daarna traden de TROS, Veronica, de Evangelische Omroep en BNN toe tot het publieke bestel. In de loop van de tijd ontstonden er vele toeleverende mediabedrijven, waarvan één van de eerste was Profilti (nu opgeheven), die onder meer het Polygoonjournaal vervaardigde, een bioscoop-voorloper van het NOS-Journaal.
De grootste mediaconcentratie is sinds 15 jaar te vinden op het Mediapark, Hilversum-Noord (Omroepkwartier). Hier bevinden zich onder meer de Audio- en Videocentra van de NOS, met onder meer radio- en televisiestudio's, alle uitzendfaciliteiten, het Vertaalcentrum en het Decorcentrum, het nieuwe VPRO-gebouw, verschillende gebouwen en complexen van commerciële zenders (RTL, Talpa, Canal+) en bedrijven (o.a. Kalanos, Valkieser). Voor het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid, dat de beeld- en geluidarchieven omvat, wordt op het Mediapark een nieuw gebouw neergezet dat in 2006 ook plaats zal bieden aan de Beeld en Geluid Experience, een sterk vernieuwde en vergrote uitvoering van het vroegere Omroepmuseum. Aan de noordkant van het terrein bevindt zich het gebouw van de Wereldomroep. De hoofdgebouwen van de TROS, EO, alsmede het gezamenlijk AKN-gebouw (AVRO, KRO, NCRV), staan op andere locaties in Hilversum.
In de geschiedenis van de Hilversumse omroep speelt ook het voormalige hotel/restaurant annex schouwburg Hof van Holland aan de Kerkbrink een belangrijke rol (intussen afgebroken). Vanaf 1926, toen de omroepen nog geen eigen studio's hadden, werden daar concerten en opera's voor radio-uitzendingen opgenomen of rechtstreeks uitgezonden. In 1950 demonstreerde de AVRO in diezelfde zaal een prototype van de kleurentelevisie.
 

Regionaal
Schrijvende pers: De Gooi- en Eemlander.
De Gooi- en Eembode (wekelijks huis-aan-huisblad)
 

Bedrijven en Industrie
Hilversum is sterk gegroeid in de 19de eeuw door de opkomst van de tapijtindustrie. Een van de bekende fabrieken was de Veneta. Daarnaast had Hilversum de chemische industrie van Polak en Schwartz, later deel geworden van International Flavours en Fragrances IFF (geurstoffen, die voor veel overlast zorgde), en de grote Nederlandse Seintoestellen Fabriek (NSF), die in 1918 startte en omstreeks haar hoogtepunt in 1955 aan zo'n 2500 mensen werk gaf (de fabriek was overgegaan in handen van Philips en heette toen de Philips Telecommunicatie Industrie).
Een opvallend bedrijf in Hilversum was het gemeentelijk sportpark, waar een paardendrafbaan was en laat in de jaren '50 een expositiehal geplaatst werd. Deze 'Expohal' was een modern, vrijwel geheel glazen bouwsel, dat de gemeente had overgenomen van de wereldtentoonstelling in Brussel en dat de stoot moest geven tot de ontwikkeling van het sportpark als expositieoord. Die ontwikkeling bleef echter uit, waardoor de hal, die overigens door de constructie met enkelglas zeer kostbaar te verwarmen was, na twintig jaar weer werd gesloopt. Nu is op die plek de Dudok Arena gebouwd), een sportcentrum dat in de eerste jaren van zijn bestaan de gemeente verlies heeft opgeleverd en in 2006 is verpacht aan een privébedrijf.
Ook telde Hilversum enkele uitgeverijen en drukkerijen, waaronder die van het dagblad de Gooi- en Eemlander (intussen opgegaan in het Telegraaf-concern), de katholieke uitgeverij Paul Brand (verhuisd of opgeheven), de drukkerij 'De Blaauwe Werelt' (verhuisd of opgeheven), de katholieke kerkgeschiftenuitgeverij Gooi en Sticht (verhuisd of opgeheven) en drukkerij C. de Boer (een zeer grote rotatiedrukkerij, nu Plantijn Casparie en Roto Smeets geheten).
Intussen werd Hilversum als vestigingsplaats voor nieuwe instellingen en bedrijven overvleugeld door Amersfoort. Zo koos de Kamer van Koophandel Gooi- en Eemland voor Amersfoort als vestigingsplaats. De Kamer vond dat het verkeer in Hilversum uiterst problematisch verloopt, en dat de gemeente daar geen greep op heeft gekregen. De verminderde treinverbindingen met Amsterdam hebben ook aan de achteruitgang bijgedragen.
De gemeente streeft naar vestiging van schone industrie. Zo is het Europese hoofdkantoor van Nike er gevestigd, op de plaats van de oude draversbaan, en zijn er advies- en automatiseringsbedrijven aangetrokken. De mediaindustrie krimpt echter na jaren van wildgroei onder druk van de overheid en door afnemende subsidies.
Industrie en bedrijven zijn geconcentreerd op enkele terreinen: rond de Oude Haven, op de Industrieterreinen Kerkelanden en Zeverijn in het zuidwesten, Arena in het zuidoosten, en op enkele terreinen ten oosten van de spoorlijn tussen Bussum en Utrecht.
 

Recreatie
Sport:
Sport- en tennisparken: Berestein, Anna's Hoeve, Corverskuil en Crailo
Diverse sportzalen, één overdekt zwembad
Sportpark 't Melkhuisje (tennis)
Gooise Atletiek Club
Hilversumsche Golfclub
Hilversumse Roeivereniging
Hilversum Hurricanes (American football club)
Handboogschietbaan
Dudok Arena Sporthal
De Loosdrechtse Plassen worden veel gebruikt voor recreatieve watersporten
Vliegen, zweefvliegen en parachutespringen op het vliegveld Hilversum.
Muziek:
Beatrix' Drum & Bugle Corps Beatrix' Drum & Bugle Corps
Poppodium Tagrijn
Orkest Musica Instrumentalis Hilversum
Chr. Muziekvereniging "Oranje Harmonie"
 

Onderwijs
Media Academie
ROC van Amsterdam en Gooi en Vechtstreek, voorheen Dudok College (middelbaar beroeps onderwijs),
Comenius College
Gemeentelijk Gymnasium
Roland Holst College,
Alberdingk Thijmcollege (vroeger RK Lyceum; deze RK scholengemeenschap omvat ook een internationale school en andere instellingen voor m.o.
Faculteit Kunst, Media en Technologie (onderdeel van de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht)
Hogeschool Rens & Rens - Elektronica, in 2005 failliet gegaan
Hogeschool Nooteboom - Business
Groot Goylant; Tweetalig onderwijs
 

Gezondheidszorg
Tergooiziekenhuizen: Locatie Hilversum, Zonnestraal
De Symphora-groep, Verpleeg- en verzorgingstehuizen.
 

Geboren in Hilversum
Geboortejaar 1770-1952
Cornelis Perk (1770-1813), dichter
Albertus Perk (1795-1880), notaris en gemeentesecretaris
Hendrik Brouwer (1870-1946), politicus (R.K. Staatspartij) en bestuurslid (RKWV)
Karel Alberdingk Thijm (1864-1952), schrijver (onder de schuilnaam Lodewijk van Deyssel) en polemist
David Schulman (1881-1966), kunstschilder
Nico van Rijn (1887-1962), kunstschilder
Petrus Antonius Nierman (1901-1976), bisschop van Groningen
Fredericus Johannes Giltay (1907-1970), kunstschilder
Henk de Looper (1912-2006), hockeyer
Floris Bakels (1915-2000), verzetsman en schrijver
Emmy Lopes Dias (1919-2005), actrice
Joop den Uyl (1919-1987), politicus
Jaap ter Haar (1922-1998), schrijver
Nel van Vliet (1926-2006) zwemster
Pim Jacobs (1934-1996), jazzpianist en televisiepresentator
Geertje Wielema (1934), zwemster
Sytze van der Zee (1939), journalist
Bessel Kok (1941), zakenman en schaker
Ineke Tigelaar (1945), zwemster
Evert Kroon (1946), waterpolo-international
Harmke Pijpers (1947), presentatrice
Jan Franssen (1951), politicus (VVD)
Ton Scherpenzeel (1952), toetsenist en songwriter van Kayak
Geboortejaar 1953-1975
John Jaakke (1954), voorzitter Ajax
Ton van Klooster (1954), zwemmer en zwemcoach
Nico Landeweerd (1954), waterpolo-international en -coach
Rob Schouten (1954), dichter, schrijver en journalist* John de Mol (1955), mediamagnaat
Arjan Ederveen (1956), cabaretier en theater- en TV-maker
Albert Voorn (1956), springruiter
Ellen Bontje (1958), dressuuramazone
Hansje Bunschoten (1958), zwemster en televisiepresentatrice
Erwin Olaf (1959), fotograaf en maker van videoclips en documentaires
Myrna Goossen (1962), presentatrice
André Rouvoet (1962), politicus (ChristenUnie)
Sven van Veen (1962), DJ
Linda de Mol (1964), actrice en televisiepresentatrice
Eric de Rooij (1965), schrijver van o.a. kinderboeken
Paul Groot (1967), acteur, cabaretier en tekstschrijver
Owen Schumacher (1967), tekstschrijver, stand-up comedian en jurist
Margot Kraneveldt (1967), Tweede Kamerlid
Mandy Huydts (1969), zangeres
Ruud de Wild (1969), presentator / dj
Brecht van Hulten (1970), presentatrice
Marjon Keller (1970), zangeres
Pieta van Dishoeck (1972), roeister


 

Opmerkelijk in Hilversum in 12 punten
Opmerkelijk in Hilversum zijn vooral (zie de tekst voor nadere uitleg):
de bevolkingsdaling: rond 1960 103.000 mensen, in 2006 84.000;
de moord op Pim Fortuyn, voorman van de Leefbaar-beweging, op 6 mei 2002 in het Mediapark;
de Nederlandse start van de Leefbaar-beweging in de politiek in 1993;
het grote aantal fraaie villa's van rond 1900;
de grote katholieke, neogothische Sint-Vituskerk van P.J.H. Cuypers voor 1800 mensen uit 1892 (rijksmonument, restauratie 2004, toren 100 m);
het grote aantal maneges: rond 10;
hier bevindt zich een exemplaar van de grootste boom ter wereld, de sequoia sempervirens, in het Pinetum Blijdenstein;
tijdens de oorlog was het hoofdkwartier van het Duitse landleger in Nederland (de Wehrmacht), hier gevestigd (in het bibliotheekgebouw aan de 's Gravelandseweg);
er zijn drie havens, een vliegveld en twee kazernes;
de plaats had een belangrijke textiel- en tapijtindustrie in de 18de, 19de en 20ste eeuw;
de plaats bezat de grootste radiofabriek van Philips, de (voormalige) NSF;
Hilversum heeft behalve de architect Dudok geen internationale beroemdheden voortgebracht, maar er woonden wel enkele superrijken, zoals de familie Brenninkmeijer (eigenaren van C&A).
 


 

Veelgemaakte spellingsfouten: Hilvers Hilversun Hiversum Hiversun Hilversuum Hilverzum

bron: wikipedia
Bron foto:
wikipedia

 


 

 



Bedrijfsreclame
hotel 
auto  
bouw
winkel  
drukkerij 
bloemen bezorgen  
rijschool  
makelaar  
flats   
hypotheek  
notaris  
woningen  
keuken  
hoveniers
reisburo   
catering   
restaurant   
gasfitter 
loodgieter   
schilder
stratemaker

bruidsboetiek  
bruidsmode

verhuizer
Provincie
Home